Gas besparende maatregelen voor huishoudens

Analyse van energiebesparende maatregelen in termen van investering, gasverbruik, CO2-uitstoot, energie uitgaven, en rendement

Introductie

Met het dreigende gastekort in Nederland door het conflict in Oekraïne, zien veel huishoudens een koude winter tegemoet. Instanties bereiden zich op verschillende manieren voor, onder andere door compensatie voor huishoudens met lage inkomens. Uit deze analyse blijkt echter dat er verschillende maatregelen zijn die in slechts enkele maanden op schaal kunnen worden uitgevoerd met een zeer geringe inzet van kapitaal. Deze maatregelen zijn in het bijzonder relevant voor huishoudens met lage inkomens en hebben een positief rendement voor het einde van de komende winter.

Methode

Een simpele desk-research studie is uitgevoerd met behulp van verschillende bronnen op het internet. Vijf verschillende energiebesparende maatregelen zijn in overweging genomen:

    Radiatorfolie (zie Figuur 5)
    Buisisolatie (zie Figuur 6)
    Waterbesparende douchekop
    Tochtstrips (zie Figuur 7)
    Waterzijdig inregelen (zie Figuur 8)

De maatregelen worden in meer detail beschreven in Figuur 1. Elk van de maatregelen wordt geëvalueerd voor een gemiddeld huis op een aantal kerncijfers:

    De kosten voor implementatie
    Gasverbruik vermindering voor verwarming
    Besparing op de gasrekening
    Vermindering van CO2-uitstoot
    Rendement na één jaar

Vervolgens wordt het totaal van de maatregelen bekeken voor een gemiddeld huis. Deze resultaten worden dan gebruikt om de gehele woningvoorraad van Nederland te beoordelen op basis van dezelfde kerncijfers met twee verschillende benaderingen.

Resultaten

De analyse in Figuur 1 laat zien dat, met een investering van €405, een gemiddeld huishouden 250 kubieke meter gas, €972 op de gasrekening, en 470 kilogram CO2 kan besparen in één jaar. Het rendement van alle maatregelen gecombineerd is 140% na één jaar.

Deze cijfers zijn gebruikt voor Nederland als geheel in Figuur 2. Met een aanname op de relevantie van de maatregelen voor de woningvoorraad, concludeert men dat de kosten voor volledige implementatie (exclusief de kosten voor logistiek, organisatie, en communicatie) €291 miljoen bedragen. Dit zou ongeveer 180 miljoen kubieke meter aan gas, 338 miljoen kilogram aan CO2, en €700 miljoen aan gasinkoop schelen. Het rendement voor Nederland als geheel komt neer op 140% na één jaar, en komt waarschijnlijk boven de 100% gedurende de komende winter omdat in deze periode het meeste gas wordt verbruikt voor verwarming. De gasbesparing komt daarmee neer op 0,45% van het totale jaarlijkse gasverbruik in Nederland.

Bij een meer gedetailleerde benadering waarbij de relevantie van de maatregelen is gebaseerd op de energielabels van de woningvoorraad (zie Figuur 3), zijn de besparingen nog groter. Figuur 4 laat zien dat men, met een investering van 1,126 miljard euro in heel Nederland, 760 kubieke meter gas, 3,0 miljard euro aan energie-uitgaven en 1,4 miljard kilogram CO2-uitstoot kan besparen. Het totale rendement is 163 procent na één jaar, terwijl de aardgasbesparing kan oplopen tot 1,9 procent van het totale gasverbruik van Nederland als geheel.

Toepasbaarheid van de maatregelen

Sommige maatregelen zijn relevant voor het overgrote deel van het woningbestand. Dit geldt voor de waterbesparende douchekop. De combinatie van alle voorgestelde maatregelen is specifiek voor gemiddelde wooneenheden die aan de volgende voorwaarden voldoen:

    Natuurlijk gas is de voornaamste bron van verwarming.
    Het verbranden van natuurlijk gas in een CV-ketel warmt water op als drager van de warmte.
    Radiatoren zijn de voornaamste elementen voor de distributie van warmte door de ruimten.

De maatregelen zijn vooral relevant voor woningen met een slecht isolerende gebouwschil, omdat daar de warmteverliezen relatief groot zijn. Vaak gaat het om sociale woningen die enkele decennia geleden zijn gebouwd. Tegelijkertijd zijn de bewoners van deze gebouwen bijzonder kwetsbaar voor hoge energieprijzen omdat hun inkomen lager is dan gemiddeld en omdat zij door slechte isolatie meer moeten uitgeven aan verwarming per vierkante meter woonruimte.

Aard van de maatregelen

Vanuit het oogpunt van warmte-isolatie is renovatie van oude woningen altijd beter voor het verwarmingsrendement en het thermisch comfort. Deze maatregelen zijn echter ook duurder en de uitvoering neemt meer tijd in beslag. Tegelijkertijd is de capaciteit beperkt door het beperkte personeel bij aannemers.

De voorgestelde maatregelen vormen een goed, tijdelijk alternatief voor de renovatie van gebouwen. Ze vereisen weinig technische deskundigheid om te worden uitgevoerd en kunnen in zeer korte tijd worden geïnstalleerd. Dit geldt met name voor de radiatorfolie en de waterbesparende douchekop. Met de juiste instructies, eventueel in de vorm van video's, kunnen deze in minder dan een uur door de bewoners zelf worden geïmplementeerd. Dit geldt ook voor de tochtstrips en de buisisolatie, hoewel deze meer tijd vergen en moeilijker uit te voeren zijn. De juiste materialen voor deze vier maatregelen kunnen allemaal kant-en-klaar worden gekocht bij doe-het-zelf zaken of online worden besteld.

Waterzijdig inregelen is de enige maatregel waarbij gekwalificeerd personeel nodig is voor de uitvoering. Hoewel de capaciteit bij aannemers waarschijnlijk beperkt is, kan nieuw personeel relatief gemakkelijk in enkele maanden worden opgeleid.

Discussie

De twee belangrijkste onzekerheden in deze analyse liggen bij de aannames over de relevantie van de maatregelen en de gasprijs. Bij de eerste benadering wordt aangenomen dat de maatregelen relevant zijn voor 10% van de woningvoorraad. Dit is een gok. De tweede benadering is gedetailleerder en is gebaseerd op de energielabels van de Nederlandse woningvoorraad. Elke maatregel wordt beoordeeld op zijn relevantie voor elk energielabel, op basis van internetonderzoek en de kennis van de auteur. Daarna is voor elke maatregel slechts een percentage van het gebouwenbestand genomen omdat de situatie ter plaatse enigszins kan verschillen en omdat sommige maatregelen mogelijk al zijn geïmplementeerd.

De gasprijs is afkomstig van een betrouwbare bron, maar geldt voor huishoudens die hun energiecontract verlengen. In de praktijk kan de prijs die mensen voor aardgas betalen lager uitvallen vanwege de vaste prijzen in de contracten. Ook is het in een onzekere situatie moeilijk om de prijs voor de komende maanden te voorspellen.

Deze analyse zou kunnen worden uitgebreid met de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) en de openbare data voor energielabels, aangezien deze kan worden gebruikt om regionale beleidsmaatregelen te verfijnen. Door het bouwjaar te combineren met de in die periode geldende isolatienormen kan een lijst worden opgesteld van alle gebouwen met een slecht isolerende gebouwschil. Op die manier kunnen lokale overheden hun activiteiten en communicatie per wijk of zelfs straat afstemmen.

Conclusie

Uit de analyse blijkt dat de voorgestelde energiebesparende maatregelen een aanzienlijk potentieel hebben. Zij zouden tegelijkertijd de afhankelijkheid van aardgas voor verwarming kunnen verminderen, de bijbehorende CO2-uitstoot kunnen terugdringen en de energie uitgaven voor huishoudens kunnen verlagen, terwijl tegelijkertijd het thermisch comfort wordt verbeterd. In plaats van uitgaven voor energiesubsidies voor huishoudens, bieden de voorgestelde maatregelen ons een mogelijkheid om de benodigde investering komende winter al terug te verdienen.

Tegelijkertijd zijn de vereiste investeringen relatief laag. De voorgestelde maatregelen zijn bijzonder relevant voor huishoudens die door hun lagere inkomen en relatief hoge stookkosten per vierkante meter disproportioneel kwetsbaar zijn voor stijgende energieprijzen. De besparingen zijn structureel en leveren elk jaar hetzelfde rendement op. Als zodanig vormen de voorgestelde maatregelen een kosteneffectief tijdelijk alternatief terwijl het woningbestand de komende decennia geleidelijk aan wordt gerenoveerd.

De aard van de maatregelen maakt een snelle uitvoering in heel Nederland mogelijk en zou voor het einde van de komende winter kunnen worden gerealiseerd. De belemmeringen voor de uitvoering op de voorgestelde schaal zijn voornamelijk van organisatorische aard. Gezien de beperkte tijd moeten bestuursorganen echter snel actie ondernemen om de potentiële besparingen op een significante schaal te realiseren.

Figuren

Portfolio

FIGUUR 5: Maatregelen en opbrengsten voor één huishouden - eerste benadering

Portfolio

FIGUUR 6: Gasbesparing potentieel voor Nederland samenvatting- eerste benadering

Portfolio

FIGUUR 7: Gedetailleerd gasbesparing potentieel voor Nederland samenvatting - tweede benadering

Portfolio

FIGUUR 8: Gedetailleerd gas besparing potentieel voor Nederland - tweede benadering

Referenties

[1] Opbrengst van verschillende energiebesparende maatregelen - Link

[2] Prijs van radiatorfolie - Link

[3] Prijs van buisisolatie - Link

[4] Energiebesparing door waterbesparende douchekop - Link

[5] Prijs van waterbesparende douchekop - Link

[6] Energiebesparing door tochtstrips - Link

[7] Prijs van tochtstrips - Link

[8] Prijs van natuurlijk gas - Link

[9] CO2-uitstoot per kubieke meter gas - Link

[10] Gemiddelde aantal radiatoren per huis - Link

[11] Aantal huizen in Nederland - Link

[12] Aantal huizen in Nederland dat gas gebruikt voor verwarming - Link

[13] Jaarlijkse totale natuurlijke gasconsumptie van Nederlands - Link

[14] Energie labels van huizen - Link

[15] Staat van isolatie van huizen gebaseerd op energie labels - Link

[16] Bron van de afbeelding radiatorfolie - Link

[17] Bron van de afbeelding buisisolatie - Link

[18] Bron van de afbeelding tochtstrips - Link

[19] Bron van de afbeelding waterzijdig inregelen - Link

[20] Yearly average gas consumption of households - Link